Basisbeginselen Canitrailen
Basisbeginselen Canitrailen

Canitrailen is te vergelijken met endurance in de paardensport waarbij aangelijnde honden met hun baasje variërend van 8 km tot maximaal 50 km of misschien wel meer afleggen over onverharde paden waarbij het welzijn van de hond en zijn persoonlijke ruimte voorop staat.

Lange afstanden samen afleggen … dat gaat niet vanzelf. Daarvoor moeten jullie allebei  trainen. En wat train je dan? Onderstaande vaardigheden zijn zowel op de hond als de mens van toepassing:

  • Uithoudingsvermogen
  • Coördinatie (Core Stability)
  • Souplesse
  • Samenwerking
  • Verzorging

Om het canitrailen op een gezonde en verantwoorde wijze uit te kunnen oefenen is het belangrijk om te weten wat je traint, waarom en wanneer.

TRAININGSFASES: Als je wil beginnen met het hardlopen met je hond zijn twee dingen erg belangrijk om in de gaten te houden; namelijk de ontwikkeling van het zenuwnetwerk en de vorming van sterk kraakbeen. Zolang je hond in de groei zit, is de kans op overbelasting en botvergroeiingen behoorlijk groot.

Fase 1 – PUP: De eerste 6 tot 10 maanden zijn bepalend voor de verdere ontwikkeling van het zenuwstelsel en kraakbeen door voldoende beweging op aangeven van de pup aan te bieden en toe te laten. Te veel beweging is uit den boze, maar te weinig ook!

In voorbereiding op de sport kun je je pup laten kennismaken met de basis van het canitrailen door hem op verschillende ondergronden te laten lopen waardoor het zenuwstelsel wordt geprikkeld. Laat hem kennismaken met bijvoorbeeld bosgrond, losliggende takken, boomwortels, mul zand, hoog gras, asfalt, kleine plasjes water, modder en dergelijke zodat zijn zenuwstelsel hieraan gewend raakt.

Je hoeft dit niet lang te doen of vaak te herhalen omdat hij in deze periode heel snel leert. Langdurige bewegingen en te veel herhalingen achter elkaar zijn echt verboden. Daar is de pup niet op gebouwd. Zorg dat je ook geen druk uitoefent en oefeningen gaat  leiden. Laat het de pup zelf uitzoeken, natuurlijk binnen door jou gestelde grenzen.

Bedenk dat hij in deze fase leert voor zijn leven!

Fase 2 – PUBER: Tussen circa de 9 en 18 maanden zit je hond in de puberteit en zullen hormonen een belangrijke rol spelen. De groeischijven verbenen onder invloed van mannelijke en vrouwelijke hormonen, die in de pubertijd tot ontwikkeling komen. De lengtegroei is dan klaar. Dit proces start gemiddeld rond de leeftijd van tien maanden. Tegen die tijd kan de intensiteit van bewegingen opgevoerd worden. Er kan dan heel rustig begonnen worden met o.a. het leren lopen in een harnas, het richten van zijn aandacht op jouw commando’s en het verder werken aan basisvaardigheden zoals coördinatie, core stability, balans en het aanleren van de energiezuinige draf.

Het werken aan uithoudingsvermogen is, zolang de jonge hond nog niet volledig uitgezwaard is, onverstandig. Als een hond namelijk moe begint te worden, zullen zijn coördinatieve vaardigheden snel afnemen. Hierdoor kan hij de (relatief lichte) impact op zijn lichaam snel slechter verwerken, waardoor er alsnog kans op overbelasting van het skelet plaats kan vinden.

Bij de mens is aangetoond dat een te vroege langdurige, relatief lichte belasting van de lange pijpbeenderen (wat bij duurtrainingen gebeurt) kan leiden tot een vervroegde sluiting van de groeischijven. Een extra reden om de aparte training op uithoudingsvermogen uit te stellen totdat je hond helemaal uitgezwaaid is. Dat kan bij kleine honden 1,5 jaar zijn en bij grote zware honden zelf pas na 3 jaar zijn.

In deze periode is het werken aan jullie samenwerking, de coördinatie (proprioceptie) en de core stability als onderdeel van jullie trainingen een absolute must als fundament voor de langere afstanden. Opbouw van het uithoudingsvermogen kan geleidelijk en in kleine stapjes opgevoerd worden. Monitor de ontwikkeling van je hond en wees alert op oververmoeidheid. Geef je hond voldoende rust tussen de trainen en beperk de zwaarte van jullie trainingen.

Proprioceptie in de rug en de gewrichten zijn heel goed trainbaar met behulp van oefeningen, waarbij de verschillende gewrichten korte snelle veranderingen moeten registreren: balansoefeningen op instabiele ondergronden (balanskussen, rockerboards enz)

Fase 3 – JONGE HOND: Door in de vorige fases te werken aan de basisvaardigheden zoals coördinatie, balans, core stability en juist gangwerk is het fundament voor het uitbouwen van de belastbaarheid en het uithoudingsvermogen gelegd.

Het geleidelijk opvoeren van het aantal kilometers met veel aandacht voor de mentale en fysieke ontwikkeling van je hond kan nu ingezet worden. De ontwikkeling van je jonge hond is leidend voor het opvoeren van het aantal kilometers. Niet de druk van de groep waarin je loopt of het doel wat je voor jullie beiden hebt gesteld is bepalend voor de mate waarin je het aantal kilometers per maand  opvoert. Bouw voldoende rustmomenten in voor je hond en wees alert op de subtiele signalen van overtraindheid. Beter te langzaam de belasting opvoeren als te snel.

Blijf werken aan het verfijnen van de basisvaardigheden. Bouw de zwaarte van je trainingen geleidelijk op.  Voeg hoogtemeters toe als de basisconditie voldoende is. En houd de trainingen afwisselend en uitdagend zodat je hond ook mentaal uitgedaagd wordt.  Loop niet altijd hetzelfde rondje of hetzelfde aantal kilometers, want dan wordt het lichaam niet voldoende geprikkeld en gaat de getraindheid zelfs achteruit.

Fase 4 – VOLWASSEN: Snelheid, kracht en uithoudingsvermogen zijn belangrijk om in jullie traingsprogramma verder uit te breiden. Breng variatie aan in jullie trainingen, want een eenzijdige trainingsbelasting leidt tot een daling van het trainingseffect. Wissel LSD (Long Slow Distance) trainingen af met korte interval-trainingen en trailspecifieke trainingen om monotonie te voorkomen en het lichaam gevoelig te houden voor prikkels.

Toename in kleine stappen (geleidelijk) is altijd zinvol en leidt tot een prestatieverbetering. Worden de afstanden te lang om praktisch via de weg van de geleidelijkheid te trainen, dan zijn sprongmatige belastingtoenames een uitkomst mits je hond een solide basis heeft. Blessuregevoelig honden komen niet in aanmerking voor deze manier van trainen.

ALGEMEEN: Blijf ten alle tijde alert op de motivatie van je hond. Vind hij het nog wel leuk? ga je niet over zijn grenzen heen omdat jij zo graag wil? En krijgt hij voldoende ruimte om z’n eigen groei te kunnen bepalen?

Let continu op de signalen die je hond bij vermoeidheid kan tonen, omdat hij juist op die momenten te weinig coördinatie kan opbrengen om de bewegingen nog goed uit te voeren. Dan is de kans op blessures het grootst.

Wat zijn die signalen?

  • de bewegingen worden langzamer uitgevoerd
  • de coördinatie wordt minder
  • controle verdwijnt
  • de hond gaat erbij liggen
  • de hond zoekt schaduwplekken of koel gras
  • krijgt wallen onder zijn ogen
  • krijgt rode ogen
  • zijn oren en staart zakken in hoogte
  • de hond gaat hijgen
  • kan zich niet meer concentreren
  • wordt juist heel erg druk
  • wordt bijterig
  • gaat in staking/blokkeert

Sportkeuring – Voordat je het aantal kilometers daadwerkelijk gaat uitbreiden is het belangrijk om de fitheid en geschiktheid van je hond voor de langere afstanden te laten bepalen door een dierenarts of osteopaat. Regelmatig je hond laten controleren op de beweeglijkheid is voor vele sporthonden een must. Hierdoor blijft het lichaam van je hond in een goed evenwicht, kun je je trainingen bijstellen en blijft je hond lekker in zijn vel zitten.

Leeftijd hond – In voorbereiding op deelname aan de evenementen van Canitrail.NL kun je je hond alvast voorbereiden op deze endurance-events.

Wil je samen deelnemen aan de evenementen van Canitrail Nederland dan zijn daar een aantal minimale voorwaarden aan verbonden. Een van de belangrijkste voorwaarden is de minimale leeftijd die niet alleen te maken heeft met de fysieke ontwikkeling van honden, maar ook met de zwaarte van het parcours.

Dat jullie tijdens jullie groepstrainingen al verder lopen, is voor bijvoorbeeld een 2-jarige herder nog geen garantie dat je kunt deelnemen aan een lange afstand van 25 kilometer door heuvelachtig terrein tijdens een door CANITRAIL.NL georganiseerd evenement.

Honden zijn er in alle soorten en maten; een kleine hond is al sneller volgroeid als een grote hond. Een strikte leeftijdsgrens voor deelname aan langere afstanden is vaak een kwestie van maatwerk. Onderstaande indicatie is dan ook een richtlijn:

– Voor afstanden onder de 10 km dient de hond minimaal 1,5 jaar te zijn.
– Voor afstanden tussen de 10 km en 20 km dient de hond minimaal 2 jaar te zijn.
– Voor afstanden van de 20 km en hoger dient de hond minimaal 2,5 jaar te zijn.

Bij het afhalen van het startbewijs voor de Natte Neuzen Trail laat de deelnemer het hondenpaspoort aan de organisatie zien, zodat de leeftijd van de hond gecontroleerd kan worden. Uitzonderingen op bovenstaande richtlijnen zijn alleen mogelijk in overleg met de organisatie.

Conditie – Een belangrijk onderdeel van het canitrailen is de conditietraining. Bij inspanning wordt door anaerobe verbranding van glucose lactaat gevormd. Bij grote inspanning kan het lactaatgehalte in de spieren zo hoog worden dat er pijn en stijfheid ontstaat. Precies hetzelfde dat wij voelen na een paar flinke sprints. Het is eigenlijk een mechanisme om te voorkomen dat de spieren overbelast worden. Voldoende training zorgt er voor dat deze lactaatvorming wordt uitgesteld of overmaat lactaat wordt afgevoerd. Echter verhoogde lactaatspiegels zorgen ook voor verminderd coördinatievermogen. Juist in deze periode van vermoeidheid en verminderde coördinatie kunnen blessures ontstaan.

Coördinatie – Een belangrijk deel van blessurepreventie is naast het trainen op conditie ook het trainen op coördinatie. Zonder coördinatie geen versnelling, geen spierkrachttoename en geen goede motoriek. Core Stability is de coördinatie tussen de houdings- en bewegingsspieren van de rug. Core Stability speelt een uitermate belangrijke rol in de training van de hond.

Souplesse – Mobiliteit en het goed kunnen uitvoeren van de loopbeweging op langere afstanden is het resultaat van de bewegelijkheid van het gewricht en het uitrekvermogen van spieren, pezen, gewrichtsbanden en gewrichtskapsels. Een basislenigheid is dan ook vereist. Laat je hond regelmatig controleren op beperkingen in gewrichten en blokkades in de rug!

Rust –Rust is een hele belangrijke factor bij jullie trainingen. Het herstel van het lichaam is van essentieel belang bij een trainingsprogramma.
Bij te weinig rust kan de hond niet (geheel) herstellen en dit zal op den duur leiden tot overtraindheid. Dit betekent uiteraard niet dat je hond op de rustdagen niks mag of moet doen! Een andere vorm van beweging is uitermate geschikt om enerzijds te herstellen van de training en anderzijds toch te blijven bewegen. Het is daarbij niet de bedoeling om tot het uiterste te gaan.

Trailspecifieke vaardigheden –

DOG-WATCHER: Bij de Natte Neuzen Trail ligt onze hoogste prioriteit bij het creëren van ruimte voor de persoonlijke zone van de sportende hond. Sinds de oprichting van Canitrail.NL vorig jaar februari krijgt dit deel van onze visie op canitrailen steeds meer een vaste herkenbare vorm.
– Denk bijvoorbeeld aan de startpauzes van 1 minuut tussen de start van individuele deelnemers en langere startpauzes bij grotere groepen.
– Denk bijvoorbeeld aan het bewust niet gebruiken van tijdregistratie om te stimuleren dat deelnemers, hond en baas, in hun eigen tempo kunnen lopen zonder de druk van een tikkende klok die op de achtergrond meedraait.

Bij deze Natte Neuzen Trail zullen we de DOG-WATCHER introduceren. Haar naam is Jelien Lammers, eigenaar van Boel Bewust, hondentrainster- en hondencoach. Zij is gespecialiseerd in het ‘lezen’ van honden en ziet in een paar seconden hoe je hond in zijn of haar lijf zit. Zij heeft de taak om voor de start de honden te observeren en baasjes te adviseren. Zij is een vraagbaak voor alle deelnemers en zal op de startlokatie helpen de hond-hond en hond-mens interactie te managen. Jelien zal in gesprek gaan met deelnemers zonder daarbij de verantwoordelijkheden van de baasjes over te nemen.

Verzorgingsposten: Onderweg zijn deelnemers verplicht om hun hond(en) bij alle bemande verzorginsposten een rusttijd te geven. Hier kunnen ze afkoelen en de tijd nemen om voldoende te drinken om uitdroging te voorkomen. Op vertoon van je startbewijs kunnen deelnemers hier de tijd nemen om wat te eten en drinken om topfit door te kunnen gaan. Hoe lang je daarvoor nodig hebt is de verantwoordelijkheid van de baas. Op de bemande verzorgingsposten liggen altijd dekens om te voorkomen dat jullie teveel afkoelen.
LET OP: Heb je geen startbewijs, dan gaan we er vanuit dat je niet deelneemt aan de NNT.

Materiaal – Om prettig en veilig handsfree te kunnen canitrailen is een goed passend harnas/tuig met verende lijn voor de hond en een heupgordel voor de trailer verplicht. Het is verboden om te canitrailen met een slipketting of prikband, omdat dit ten koste gaat van de sportieve respectvolle relatie tussen baas en hond.

Voor de veiligheid is het wenselijk om op goede trailschoenen te lopen waardoor je in de natuur op de vaak gladde en modderige ondergrond voldoende grip hebt. Ga voor een goed advies naar de betere hardloopspeciaalzaken.

Aanlijnen – Tijdens de evenementen van Canitrail.NL is het verplicht om de hond aangelijnd te hebben. Wordt door de organisatie onderweg of achteraf geconstateerd dat de hond niet aangelijnd meeloopt, dan wordt verdere deelname aan overige Natte Neuzen Trails geweigerd. Wij zullen hier streng in optreden, omdat we als organisatie door dit gedrag het risico lopen onze vergunning voor de Natte Neuzen Trails te verliezen.

Lopen met 2 honden – Indien je met een tweespan loopt dan zorg je ervoor dat de honden met elkaar zijn verbonden door een splitlijn of neklijn, waardoor de spanwijdte maximaal 80 centimter tot 1 meter bedraagt.

Hydratatie – Tijdens de evenementen van Canitrail Nederland zorg je als deelnemer er zelf voor dat je voldoende water bij je hebt om zowel je hond als jezelf tijdens de af te leggen afstand te kunnen hydrateren. Onderweg zorgt de organisatie voor voldoende waterpunten om je eigen voorraad aan te kunnen vullen, omdat er niet altijd voldoende natuurlijke waterbronnen te vinden zijn.

Welzijn van de hond – Het welzijn van de hond gaat altijd voor. Indien je merkt dat de hond vermoeid of verhit raakt, dan las je naast de verplichte pauze bij de bemande verzorgingspost een extra rustpauze in. Het liefst al voordat de hond tekenen vertoont. De organisatie en vrijwilligers zullen hier ook op toezien.

Leenhond – Canitrailen doe je over langere afstanden en dat vraagt van baas en hond een goed teamwork waarbij de baas de signalen van de hond goed kan lezen. Hij/zij is verantwoordelijk voor het welzijn van de hond en dient ook bijtijds in te grijpen als de hond aangeeft dorst te hebben of moe te zijn. Ben je als trailer al goed ingespeeld op je ‘leenhond’ dan kan de eigenaar schriftelijk toestemming geven. Deze schriftelijke toestemming laat je met het hondenpaspoort zien bij het ophalen van je startbewijs.

Bijloper – Heb je zelf geen hond, maar wil je graag meelopen met iemand die wel deelneemt met hond dan kun je je inschrijven als bijloper. Je krijgt dan ook een startbewijs, die je duidelijk zichtbaar moet dragen, zodat je onderweg en na afloop van alle faciliteiten en verzorgingsposten gebruik kunt maken.

Leave nothing but your footprints – Canitrailers streven ernaar om het natuurgebied waar ze lopen te gebruiken zonder het gebied en de dieren die er wonen onnodig te belasten. Daarom neem je altijd je eigen afval mee. Het is onacceptabel voor iedere canitrailer om gelletjes, papierwikkels van snoepjes en repen, banaanschillen, snoepzakjes, drinkbekers, waterflesjes e.d. achter te laten in de natuur. Afval is in principe alles wat niet in de natuur groeit !

Wees hoffelijk en geef elkaar de ruimte – Canitrailers zijn vriendelijk, hebben respect voor de natuur en houden rekening met andere gebruikers zoals wandelaars, fietsers en ruiters. Het gaat tenslotte niet om de tijd en prestatie, maar om de belevenis onderweg. De toekomst van volgende canitrailevenementen hangt van jullie af. Even wat tips voor onderweg:
* Tijdens het trailen is het vaak op de meer smalle single-tracks de vraag wie er nu voorrang heeft. De langzamere loper geeft altijd voorrang aan de snellere hardloper. De snelle loper geeft voorrang aan de snellere mountainbikers. Het paard heeft op iedereen voorrang, omdat een paard onverwacht kan reageren en daardoor een gevaar kan zijn voor zichzelf en anderen.
* Een andere hoofdregel is dat de loper die bergafwaarts loopt voorrang heeft op de hardloper die de heuvel omhoog gaat. Tot stoppen komen is voor een loper die bergafwaarts gaat lastiger als voor iemand die bergopwaarts gaat.
* De canitrailer die wil inhalen en voor wie ruimte gemaakt wordt zegt “ Dank je” of maakt op een andere manier kenbaar dat het gewaardeerd wordt dat de ander hem of haar voor laat gaan.
* Als een canitrailer je van achteren nadert, wees dan zo attent om te vragen of hij of zij zou willen passeren en maak vervolgens ruimte om in te kunnen halen. Als je als canitrailer een ander nadert, laat dan weten dat je wil inhalen zodat de ander rechts van het pad kan gaan lopen. Passeer links terwijl je roept “links” en bedank degene voor zijn of haar hoffelijkheid. 
De deelnemer die ingehaald wordt dient ruimte te maken aan de linkerkant en houdt zijn hond kort. Bij mogelijke agressie moet de ingehaalde deelnemer zelfs even stoppen om de inhalende deelnemer niet te hinderen. Ook de inhalende deelnemer moet zijn hond indien nodig kort bij zich houden.
* Zie je onderweg een canitrailer in nood, dan word je geacht hem of haar te helpen. Je loopt nooit door.
* Loop je over een single-track op kop van een groepje canitrailers dan is het gepast om de trailers achter je te waarschuwen voor de gevaren zoals kuilen, losse rotsen, boomstronkjes, zwiepende takken en dergelijke omdat het in colonne lopen meer risico’s met zich meebrengt als dat je alleen loopt. Het wordt zeer op prijs gesteld als je niet alleen met je eigen veiligheid maar ook met die van anderen rekening houdt.

Respecteren regels beheerders natuurgebied – Loop je tijdens je trails door beschermde gebieden van Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer of Geldersch Landschap dan heb je respect voor de regels die zij opgesteld hebben, zodat we nog lang kunnen genieten van de kwetsbare natuur. De belangrijkste regels zijn:
– Je mag trailen tussen zonsopgang en zonsondergang, tenzij er toestemming gegeven is voor een nachtelijk trailavontuur.
– Je loopt op bestaande bos-ruiter-mtb paden om flora en fauna zo min mogelijk te verstoren. Maak geen eigen paadjes waar ze niet zijn. Dat daar geen pad is, is niet zomaar…daar is een reden voor.
* Oog in oog met wild? Dieren kunnen onvoorspelbaar reageren op bezoekers en als je oog in oog staat met wilde dieren, wat moet je dan wel of niet doen:
– Hou voldoende afstand, minimaal 25 meter
– Blijf rustig en wandel langzaam weg
– Doorkruis nooit een kudde of een groep paarden
– Laat de dieren met rust, voer en aai ze niet.

Verantwoordelijkheid bij schade – Deelname geschiedt voor eigen risico. Canitrail.NL aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor het zoekraken of beschadiging van persoonlijke eigendommen, noch voor enig opgelopen persoonlijk letsel, behoudens ten gevolge van grove schuld. Deze uitsluiting van aansprakelijkheid geldt ook voor ernstige schadesoorten zoals alle mogelijke schade ten gevolge van letsel of overlijden. Bij schade veroorzaakt door de hond blijft de eigenaar van de hond aansprakelijk.
NB: Bij deelname aan de Natte Neuzen Trails ben je bekend met het Reglement Deelname.